Schuhmacher, W. (1894-1986). Small archive of letters and a few other items on/ by the artist
Several letters are directed to "Lieve Door" (= Wim Schuhmacher's wife Duttje Schuhmacher-Parrée (1895-1953)), w. five orig. envelopes (2x stamped and addressed 1926-1927) preserved. Comprises a.o.: (1) "Amsterdam, Dingsdagmorgen [sic]. Lieve Door, hierbij verschillende papieren die voor jou op het atelier lagen. Een er van trok ik open met de gedachte dat 't misschien wel haast had en ik er daar voor kon zorgen. Ze zijn zeer vrijgevig voor jou maar ik denk dat daar redelijk van hem ook een eind aan komt. Misschien hoor ik iets van je. Veel liefs, Wim." (2) Letter signed "veel goeds van Wim": "Maandagavond. Lieve Door, ik heb je niet direct terug kunnen schrijven een paar dagen word ik weer geteisterd in mijn mond. Vandaag bij Baanders een beetje in mijn bek laten boren twee kiesen zijn weer danig aan 't zenuwen. Barstende hoofdpijn, pijn in je bek en niet maffen, je kan dat zeer geestig is 't." He continues by insisting that Door should eat much more and take sanatogeen: "Je moet heusch flink zien te worden. Denk aan ons kleine wijfie. Dat navel breukje is niet zo heel erg maak je daar niet ongerust om." He also mentions an exhibition of his work ("tentoonstelling gaat slecht en brengt alweer niets op"). The archive also comprises a notebook w. poems and other texts in pen, five photographs and a typescript play by Nora de Moor (Pretoria, 1929)).
"Wim Schuhmacher was als schilder een autodidact; hij was leraar van Fré Cohen en Jelle Troelstra. Hij was van 1917-20 getrouwd met Antje Mohr en van 1920 tot haar overlijden in 1953 met Duttje Paree, maar leefde samen met de Letse Militta Lass (Riga 1890 - Amsterdam 1967), die in 1920 haar Nederlandse man verliet met hun twee dochters en veelvuldig voor Schuhmacher geposeerd heeft." (Wikipedia) (total 18)