U bent niet ingelogd inloggen of aanmelden.
mijn biedingen - 0 - of favorieten - 0 -

Resultaten

Resultaten

veiling / Veiling 23, deel I. Kinderboeken, Literatuur, Oude Boeken, Manuscripten, Amsterdam, Topografie. / 280-324 Manuscripten
[296] [297] [298] [299] [300]
kavel: 298 verkocht € 320.00

[Politionele acties Nederlands-Indië. Dagboek OVW'er] "Reisbeschrijving No. 1".

Dagboek op kladblokpapier met merkje "Nederland zal herryzen The Netherlands shall rise again" op elk blad, 21 (van 22) tweezijdig beschreven genummerde bladen van 20,5 x 12,5 cm., gedateerd 1 oktober tot en met 12 november [1945], betreffende de reis van het schip de Stirling Castle vanuit Liverpool naar Australië, onderaan de laatste bladzijde gesigneerd door B.J. Dieckmann.
Blad 5 ontbreekt, maar in het lot bevindt zich nog een tweede (vrijwel letterlijke) versie van het verhaal op 30 Romeins genummerde en éénzijdig, in dezelfde hand beschreven blaadjes van hetzelfde kladblokje. Op die versie staat bovenaan blad I (in een andere hand) de naam "Maj. Steenhouwer" geschreven, en aan het einde een lijstje met 25 namen en adressen. Zeer interessante tekst door een oorlogsvrijwilliger (OVW'er) die zich had gemeld voor de politionele actie in Nederlands-Indië, en daarmee een speler werd in wat "het vergeten leger" zou gaan heten. Nederland bood kort geleden officieel excuses aan voor deze periode. Het dagboekje betreft de reis van de Nederlandse oorlogsvrijwilligers op het schip Stirling-Castle, dat vertrok op 4 october 1945 vanuit Liverpool. "2 Oct. De laatste dag in het Woodfarm Camp" [beschrijving van feestelijkheden en "een schitterende avond"]. (...) 3 Oct. Om 4.55 ['s nachts] vertrok onze speciale trein vanuit Malvern-Wells naar Liverpool [beschrijving van de treinreis]. Om drie uur stapten we op de Stirling-Castle, de boot die ons naar de andere kant der aarde zou brengen. (...) In totaal waren er 1600 Hollanders en ±3000 Australiërs aan boord. (...) Om 11:30 uur werden de trossen van de sleepboten losgegooid en vaarden we op eigen kracht verder. (...) 6 Oct. (...) Die Australiërs aan boord doen de hele dag niets anders dan gokken. En om grof geld hoor. (...) En dat gaat zo de hele dag, avond en tot diep in de nacht door. Oh, ik vind het toch zo'n rotgezicht dat gokken." Het dagboek vermeldt het verloop van de zeereis met o.a. opmerkingen over de schepen die ze tegenkomen (de Volendam en de Nieuw-Holland), vliegtuigen die overvliegen en de kusten die worden gepasseerd (zoals Kaap Finisterre, Gibraltar, Panteleris en Port Said, waar ze 24 uur blijven). Op 14 oktober gaat de reis door het Suez-Kanaal. "Hier in Suez moesten we nog 800 Australische vliegers aan boord nemen, die naar huis gingen". "Vandaag horen we in de berichten dat de toestand in Ned. Indië slechter wordt". Op 18 october wordt kaap Guardafui, het laatste vasteland van Afrika, gepasseerd en vaart het schip de Indische Oceaan in. De eentonige dagen daarop worden voornamelijk persoonlijke bijzonderheden aan boord beschreven. Op 29 oktober wordt de Australische kust bereikt, waar het schip onthaald wordt met o.a. een muziekkorps van de R.A.A.F. De Hollandse troepen mogen echter niet van boord. Het schip vertrekt weer op 30 oktober "met ontzettend veel vliegen aan boord", om op 3 november het eiland Tasmanië te passeren. Op die dag geeft sergeant Brandsen een lezing over "Onze betrekkingen met Australië en die van onze voorouders". "Tevens een toespraak van onze reisbegeleider van Majoor Steenhouwer over "vergissing van ons transport en zei o.m. zolang er nog geen telegram binnenkomt kon hij omtrent onze bestemming niets met zekerheid zeggen. Doch hij vermoedde dat indien Australië ons niet wilde aannemen wij naar Batavia zouden gaan". Op zondag 4 november meert het schip onder enorme belangstelling en met muzikale begeleiding aan op de Woolloomooloo kade te Sidney. De Nederlanders mogen niet van boord, vanwege de Australische regering en de "Communistische Dok- en Havenarbeiders (...) aanhangers van Soekarno. Zo komt het dat de 15 Holl. schepen die hier liggen om levensmiddelen en geneesmiddelen, hier aangekocht door de Holl. Regering en bestemd voor Indië niet weg kunnen daar de havenarbeiders het verdommen om ze te laden." (...) "5 Nov. De Communisten voeren een scherpe en gemene propaganda tegen ons. Doch daarvan trekken wij ons niets aan. (...) Er is hier geen krant of er staan stukken in tegen de Hollanders van de Stirling-Castle. Het wordt mij nu duidelijk waarom we dan ook niet van boord mogen, want ik geloof dat je binnen een uur al een mes tussen je ribben zou hebben." De schrijver vervolgt met omschrijvingen van de tegen het schip gerichte fysieke protesten, o.a. met tekstborden "Geen wapens voor de Hollanders", "Gaan jullie maar terug naar Hitler" en "Na 350 jaar onderdrukking van Hollanders willen wij thans een vry Indië". Op 11 november verlaat de bemanning de Stirling-Bay om over te gaan op het schip de Moreton-Bay, maar de helft van de bemanning van dat schip weigert de Hollanders aan boord te nemen om hen naar Java te brengen. Ze gaan in staking en verlaten het schip. Bij een betoging van ±4000 "Comm. en de in staking zijnde bemanning" worden de schrijver en zijn mede-OVW'ers overladen met beledigingen, zoals o.m. "Weg met de Hollanders", "ga weg met die vuile vlag van jullie" en "gaan jullie maar naar Duitsland, want jullie zijn nazi's en kunnen beter de hakenkruis-speldjes opdoen." Ook wordt de Moreton-Bay gesaboteerd. Toch vaart het schip op 12 november, ondanks het tekort aan bemanning de haven uit. "En zo werd onze wereldreis na vele belevenissen weer voortgezet naar Java? Of waar heen? Einde". Onder het verhaal heeft de schrijver nog de volgende opmerking genoteerd: "Daar ik mij vrijwillig heb aangemeld in de keuken, door het tekort aan bemanning, kan ik de verdere reis niet zo beschrijven, en doe dit eens per brief. Uw zoon. Luva soldaat B.J. Dieckmann".
  Highslide JS   Highslide JS   Highslide JS   Highslide JS   Highslide JS